Een jaar werkte ik in Irak, daarna woonde ik een paar maanden in Egypte en werkte en woonde ik in Tunesie. Ook in de toekomst hoop ik actief te zijn in het MENA gebied. Van mijn wetenswaardigheden doe ik hier verslag.

 


Water
19-11-2012 00:00:00

In een eerder blogje schreef ik over Carthago en de baden hier, oplettend lezertje. Die baden zijn aan zee, maar verwarmen van de sauna en het vullen van de zwembadjes deed men met zoetwater. Niet zo maar zoetwater, maar water dat 130 km verder naar het zuiden van de bergen kwam, bijna driehonderd meter hoog. Een deel van het aquaduct dat daarvoor werd gebouwd liep boven de grond, een klein deel ondergronds, en hele stukken staan er nog. Na de Vandalen namen de Byzantijnen het weer in gebruik, ook in de zeventiende eeuw deed het nog dienst. Zondag namen we een kijkje in het gebied waar dat aquaduct begint, en namen nog even wat andere sites mee. Omdat het beloofde een regenachtige dag in de stad te worden en dat berggebied in de zon zou liggen, een dubbel goed plan.

Dus liepen wij in de stralende novemberzon in een prachtige heuvelachtige omgeving tussen de vlinders en en olijfboomgaarden weer wat ruines af van steden die 20.000 of 40.000 inwoners hadden, 1800 jaar geleden. Een gebouw werd pas in 2005 ontdekt, en dan hebben we het over een flinke bult, waarin alleen de fundamenten van het capitool zijn bewaard, drie verdiepingen, deels ondergronds ook toen, van elk zo’n negen meter hoog. Het uiteindelijke gebouw moet van overal te zien zijn geweest. Het metselwerk prima bewaard onder al die aarde, en de bewoner van het huis erboven is inmiddels gids en heeft een flink nieuw huis verderop in het dal. Prachtige foto’s weer, en onze pick-nick lunch op de trappen van het capitool van de grootste van die twee, Thuburbo Majus. Daarna naar de bron, in de bergen. Een geliefde weekendbestemming voor de mensen hier. Niet ver van de stad, met een warme bron en hammam in de buurt, en nog een berberdorp in de bergen als toegift. 

Water was er nu niet veel, maar de ombouw van de Neputunustempel stond nog fier overeind, en gaf een aardige indruk van hoe het ooit was. De mensen lopen er rond, wandelen wat in de bossen eromheen, drinken hun koffie in het café ter plekke, genieten van de rust, de frisse lucht en het uitzicht over het dal. 

Er was zoveel te zien, de wandeling in de bergen boven de bron was zo aangenaam, dat we te laat in het berberdorp aankwamen om nog echt veel te kunnen zien, maar genoeg om de bijzondere sfeer van een dorp waar nog slechts vier families leven, mee te krijgen. De zon was inmiddels onder, we keken wat rond, kochten wat van de mineralen die men er verkoopt om wat geld te verdienen, deelden de snoepjes met de kinderen en gingen weer terug naar de stad. Nog even en mijn verblijf hier zit er op. Drie maanden zou genoeg moeten zijn, maar door alle valse alarmen blijkt het toch te kort om alles te kunnen bekijken. Niet erg, zo kun je nog eens terug.




 
Reacties:
Plaats uw reactie:

powered by WebBuro Internet Services