Een jaar werkte ik in Irak, daarna woonde ik een paar maanden in Egypte en werkte en woonde ik in Tunesie. Ook in de toekomst hoop ik actief te zijn in het MENA gebied. Van mijn wetenswaardigheden doe ik hier verslag.

 


Heel Tunesiƫ, dag 7
12-11-2012 00:00:00

 

We waren ruim op tijd op, oplettend lezertje, de moskee van vijf uur wekte ons. Helaas sliepde nachtportier er ruim doorheen, dus toch wat later dan gepland op weg. Het zoutmeer over, wat we niet spectaculair vonden, en Tozeur binnengereden.  Een koffie en thee op een terrasje. Niet zo een als bij ons, maar zo’n tentje vol mannen aan kleine glaasjes koffie en verder niets op het menu. Maar een van de tafeltjes was duidelijk voor ons bestemd. Eerst de politiecommandant gesproken waarvan wij een nummer hadden als back up. Volgens hem was de hele oase en de omgeving zeer veilig om twee redenen: het zijn agrariërs, en die zijn vriendelijker en vrediger dan bijvoorbeeld de mijnwerkers van de hoogvlakte. En bijna iedereen heeft wel een familielid in de toeristenindustrie werken, en dus weet men dat men toeristen niet moet wegjagen. 

Zo gerustgesteld (we hebben nog geen opgetrokken wenkbrauw gezien de hele reis) de medina in. Tozeur is beroemd om zijn bakstenen. Ze maken ze hier, ze hebben de gele kleur van de bergen die we gisteren overstaken, en ze gebruiken ze hier voor al hun gebouwen. Dat maakt dat gebouwen lang goed blijven, en er vreemd modern uitzien, ook al zijn ze honderden jaren oud. Waar de meeste oude  huizen hier in Tunesie en veel andere Noord-Afrikaanse landen per familie drie kamers hadden, deed men het hier met een grote hoge kamer, met daarin een klein kamertje voor de ouders. Ventilatiegaten op zes en zeven meter hoog, om de warme lucht te laten ontsnappen, palmhout op een meter of vier om de dadels, de pepers en ander zaken te laten drogen. De vogeltjes vliegen nog steeds in en uit als vaste gasten. De bakstenen zijn in reliëf gemetseld volgens patronen die dadelpalmen, slangen, bijen en die vogeltjes voorstellen. Dat reliëf geeft schaduw en volgens sommigen ook meer circulatie die koelte brengt.  Op veel deuren drie kloppers, een voor de mannen, een voor de vrouwen en de onderste voor de kinderen, dan weet je wie er aan de deur moet komen. Overal open deuren waar we een glimp konden opvangen van de binnenplaats met vrouwen en kinderen. Hier en daar een winkeltje voor de toeristen, waar we er wel zes van gezien hebben. Buiten het stadje staan de duizenden palmen met de bijna rijpe bossen dadels, sommigen gehuld in speciale zakken.

Op weg naar het volgende stadje kwamen we eindelijk die loslopende kamelen tegen, sommigen vlak langs de weg, oversteken deden ze niet. Nefta heeft vele moskeen en vele heiligen, waarvan er nogal wat hun eigen tombe hebben. Buiten die plekken, waar wij niet in mogen, is de corbeille de grote attractie, de mand. Een halve cirkel tegen de bergen met bomen, in het dalletje een palmoase die door zes families gepacht wordt.  Een van de pachters leidde mij zijn deel rond. Een watervalletje van 28 graden, een bron van 40 graden, waarin een man heerlijk lag te badderen. Palmen, citrusbomen, granaatappel struiken, henna planten. Helaas waren de dadels door het gebrek aan regen dit voorjaar niet geschikt voor menselijke consumptie. Ze lagen geoogst te wachten om als beestenvoer te dienen.  Die misoogst gecombineerd met de afwezige toeristen (ook hier een plek waar iets te koop zou zijn geweest als er bussen zouden langs zijn gekomen) maakte dit voor de bevolking een zeer slecht jaar. Hier geen revolutie, geen politiek, hier alleen overleven en stug doorgaan met een bestaan uit de grond te kerven. 

Halverwege de middag vertrokken naar onze laatste overnachting. Na de afdalingen weer een langzame stijging naar de hoogvlakte in het midden van Tunesië. Stadjes en dorpjes, gemarkeerd door de venijnige verkeersdrempels die nergens ontbreken, de pick-ups en vrachtwagens. De brommertjes en ezelskarretjes op en naast de weg, de vele voetgangers die bij het vallen van de avond nauwelijks te herkennen zijn. Maar toch op een redelijke tijd, zonder een keer verkeerd rijden bij de overnachtingsplaats aangekomen. Morgen de laatste ruïne, vannacht het laatste bed met het kussen dat altijd tegenvalt. Reizen is prachtig: je gaat weg van huis en maakt van alles mee, en doet ervaringen op die jaren vooruit kunnen; en je komt thuis en geniet van het comfort van de eigen vertrouwde plek, zelfs als dat een tuinhuisje in Tunis is.

 




 
Reacties:
1
Irma
Mooie foto's - mooie reis - Wat hoofdkussens betreft: ik neem soms zelf eentje mee.
Geplaatst op 13-11-2012 22:55
Plaats uw reactie:

powered by WebBuro Internet Services